
Een werknemer krijgt te horen dat hij de ziekte van Crohn heeft. Hoe gaat Ford Genk daarmee om?
Via het secretariaat of van thuis kan hij een afspraak maken met één van de drie bedrijfsartsen. We bespreken zijn dossier, waarna hij een gecodeerd advies krijgt. Dat betekent dat hij bepaalde taken niet meer kan uitvoeren. Voor alle mogelijke aandoeningen bestaan er bij Ford Genk een twintig tot dertig codes. Met die code krijgt de werknemer een nieuwe taak binnen het bedrijf.
Hoe ziet het advies voor crohnpatiënt er uit?
Hij moet in de eerste plaats regelmatig naar het toilet kunnen. Assemblagewerk aan de band is dus uitgesloten. Elke 45 seconden dat de band stilstaat, rolt er immers een auto minder af. De werknemer kan bijvoorbeeld overstappen naar magazijnwerk, intern transport... Daarnaast beschouwen we een afwezigheid als een 'herval' in plaats van een 'ziekte', wat maakt dat de mensen niet negatief beoordeeld worden wat hun ziekteverzuim betreft. Sanitair is er bij Ford Genk genoeg. We zijn voorzien op 13.000 werknemers, terwijl we er vandaag maar 5.000 tellen. Ten slotte kan de crohnpatiënt ook een periode deeltijds werken, zolang de mutualiteit het toestaat.
Crohnpatiënten worden dus niet per definitie op straat gezet?
Nee, zeker niet. In overleg met de behandelende geneesheer proberen we de persoon zo lang mogelijk aan het werk te houden. In mijn twintig jaar als bedrijfsarts heb ik het slechts één keer meegemaakt dat het echt niet meer ging. Die persoon kon maar twee maanden op een jaar meer werken.
Hoe reageren de andere werknemers?
Hoewel ze dat niet verplicht zijn, raden we de patiënten aan om erover te praten met hun ploegbaas of met de collega's. Dat zorgt voor heel wat meer begrip dan als alles in een waas van geheimzinnigheid gebeurt. Bovendien merken zij ook dat collega's met een chronische aandoening veel minder snel voor een verkoudheid thuisblijven. Daarmee willen ze bewijzen dat ze niet profiteren van het systeem.


